Item: Gezondheidstoestand

Uit interRAI-PEDIA, E-Learning voor RAIview
Ga naar: navigatie, zoeken

TriangleArrow-Left.pngItem: Valincident in de afgelopen 30 dagen Item: Gezondheidstoestand Item: Dyspneu (Kortademigheid)TriangleArrow-Right.png

Terug naar sectie Gezondheidstoestand
Terug naar overzichtspagina Secties en Vragen

Bedoeling

Het vastleggen van de frequentie van specifieke problemen of symptomen die invloed (kunnen) hebben op de gezondheid of het functioneren van de cliënt. Ook om risicofactoren te bepalen voor ziekte, ongevallen en achteruitgang in het functioneren. Deze problemen kunnen samenhangen met bijwerkingen van geneesmiddelen.


Definities

Evenwicht / lichaamsbeheersing

a. Moeilijk of kan niet zonder hulp gaan staan

b. Moeilijk of kan zich niet omdraaien en de andere kant opkijken in staande positie

c. Duizeligheid

De sensatie van het niet op de benen kunnen blijven staan.

d. Loopt onzeker

Een manier van lopen waarmee de cliënt gevaar loopt te vallen. De cliënt kan in onbalans lijken of zwalken, ongecoördineerd of schokkerig bewegen, snel lopen met grote, nonchalante bewegingen of abnormaal langzaam lopen met kleine, schuifelende pasjes; of met de voeten ver uiteen aarzelend stappen zetten.

Hart en Ademhaling

e. Pijn aan de borst

De cliënt ervaart pijn in de borststreek die omschreven kan worden als brandend, drukkend, stekend, vaag ongemakkelijk, enz.

f. Moeite luchtwegen te ontdoen van slijm

De cliënt meldt of er wordt waargenomen dat de cliënt niet in staat is effectief ademhalings-secreties uit te scheiden (bijv., vanwege zwakte of pijn), secreties te verplaatsen of speeksel uit de mond te verwijderen (bijv., vanwege dysfagie of pijn) of secreties uit de tracheotomie-opening (bijv., vanwege stroperig speeksel) te verwijderen. Andere voorbeelden: een cliënt met longontsteking die te zwak is om te hoesten en speeksel te verwijderen of de aspiratie die nodig is om de secreties onder controle te houden bij een comateuze cliënt.

Psychiatrisch

g. Abnormaal gedachteproces

Bijvoorbeeld:

  • associaties kwijtraken
  • blokkeren
  • stortvloed van ideeën
  • van de hak op de tak
  • zich in bijzaken verliezen

Objectieve observaties die duiden op afwijkingen in de manier waarop de cliënt gedachten uit. Dit omvat indicatoren als los associëren, blokkeren, stortvloed van ideeën, van de hak op de tak en zich in bijzaken verliezen.

Los associërenDe cliënt gaat van het ene onderwerp naar het andere zonder duidelijk verband tussen de onderwerpen.
BlokkerenIn het midden van een zin plotseling stoppen, waarop de cliënt niet in staat is terug te keren naar wat hij/zij heeft gezegd en zijn/haar gedachten af te maken.
Stortvloed van ideeënDe gedachten worden zo snel geuit dat de luisteraar moeite heeft ze bij te houden.
Zich in bijzaken verliezenDe cliënt toont gebrek aan doelgerichtheid, sluit onnodige details in en heeft moeite het gesprek tot een eind te brengen.

h. Wanen

Gefixeerd fout denken. De cliënt heeft stellige, foute, niet door anderen gedeelde ideeën, zelfs wanneer er duidelijk bewijs of aanwijzingen zijn voor het tegenovergestelde (bijv., denkt terminaal ziek te zijn; denkt dat de echtgenoot of echtgenote een verhouding heeft; denkt dat het eten is vergiftigd).

i. Hallucinaties

Verkeerde zintuiglijke waarnemingen die in afwezigheid van echte prikkels optreden. Een hallucinatie kan te maken hebben met:

Zintuiglijke waarnemingVoorbeeld
HorenStemmen horen
ZienMensen, dieren zien
VoelenBeestjes over de huid voelen kruipen
RuikenRuiken van giftige dampen
ProevenVreemde smaak-gewaarwordingen

Neurologisch

j. Afasie

Een spraak- of taalstoornis die veroorzaakt wordt door ziekte of hersentrauma en leidt tot moeite met het uiten van gedachten (d.w.z. spreken, schrijven) of begrijpen van gesproken of geschreven taal.

Gastro-intestinaal

k. Reflux

Oprispend maagzuur in de keel.

l. Constipatie

Geen stoelgang in de afgelopen 3 dagen of moeite ermee hebben.

m. Diarree

Veelvuldig uitscheiden van waterige feces, door om het even welke oorzaak (bijv. door dieet, virale of bacteriële infectie).

n. Overgeven

Opgeven van de maaginhoud. Dit kan vele oorzaken hebben (bijv. medicatievergiftiging, griep, psychosomatisch).

Slaapproblemen

o. Moeite om in te slapen of blijven slapen; te vroeg wakker worden; rusteloos zijn; geen rustvolle slaap (slaap zonder uit te rusten)

p. Te veel slaap

Hetgeen normaal functioneren belemmert.

Andere

q. Aspiraties

Inslikken van voedsel of vloeistof in de longen.

r. Koorts

Een stijging van de lichaamstemperatuur, vaak als gevolg van infectie.

s. Bloeding in voedings- of genitaal-urinair kanaal

  • Maagdarm (GI) bloeding
    Bloeding kan duidelijk zijn (zoals helder rood bloed) of versluierd (zoals donker gekleurde feces). Elke bloeding waarvan een diagnose is opgetekend na een maagdarm onderzoek of elke aanwezigheid van een bloeding door rectaal onderzoek of testen op aanwezigheid van bloed in feces.
  • Genitaal-urinaire (GU) bloeding
    Bloeding die ergens in het genitaal-urinair kanaal plaatsvindt. De urine kan donker of ondoorzichtig zijn. De urine moet dan op aanwezigheid van bloed worden onderzocht. Er kan ook zichtbaar bloed zijn in de urine van de cliënt of helder, rood bloed dat uit de plasopening komt.

t. Hygiëne

Gewoonlijk slechte hygiëne, slecht verzorgd

u. Perifeer oedeem

Buitensporige opeenhoping van vocht in voeten, enkels of benen.

Codering

Codeer voor aanwezigheid van het probleem in de laatste 3 dagen. Ondervraag eventueel ook familie of andere zorgverleners die met de cliënt contact hebben.

  1. Niet aanwezig
  2. Aanwezig, maar in de laatste 3 dagen niet vertoond
  3. Op 1 van de laatste 3 dagen vertoond
  4. Op 2 van de laatste 3 dagen vertoond
  5. Dagelijks in de laatste 3 dagen vertoond


Gebruik van deze vragen in uitkomsten en rapportages

De beantwoording van deze vragen wordt in de volgende rapportages en uitkomsten gebruikt:


CAP: Hart en Ademhaling


CAP: Mishandeling

CAP: Dehydratie

CAP: Thuisomgeving

CAP: Urine-incontinentie

CHESS-schaal

Zorgzwaarte

Kwaliteitsindicatoren